Fijn stof tot nadenken

 9 op de 10 mensen ademen vervuilde lucht, zo wist de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) ons begin mei te vertellen, niet alleen buiten, maar ook binnenshuis. Alarmerend, jawel, maar het gaat beter, voegt de WGO er meteen aan toe. De vervuiling is al minder erg dan vroeger en steeds meer landen en steden schieten in actie. Ook Antwerpen zoekt naar oplossingen en Stadslab2050 experimenteert gedreven mee.

Iedereen is het er immers over eens dat dit niet kan. Jaarlijks zouden zeven miljoen mensen wereldwijd sterven aan de gevolgen van luchtvervuiling. In Europa wordt dat sterftecijfer op een half miljoen levens geschat en wordt - voor wie levenskwaliteit graag in centen afleest - de jaarlijkse gezondheidskost van onvolkomen luchtkwaliteit geraamd op zowat 1500 miljard euro. Dat is bijna vier keer de Belgische staatsschuld.

Dat ook binnenlucht vervuild kan zijn, is hierbij minder bekend, maar ook die heeft de WGO in het vizier. In het westen gaat het voor een groot deel om buitenlucht die binnendringt - omwille van het drukke verkeer voor de deur bijvoorbeeld - maar ook om luchtvervuiling die binnen wordt geproduceerd door gebrekkige ventilatie, fijn stof van kledij, vuile verwarmingsketels, airco’s, het gebruik van schoonmaakproducten, kaarsen of koken zonder afzuigkap.

Fijn is niet fijn

De verontreiniging bestaat uit meerdere stoffen, zoals zwaveldioxide, stikstofdioxide, benzeen maar ook het beruchte ‘fijn stof’, een wel heel tedere naam voor een gevaarlijk goedje. Denk aan stofdeeltjes die kleiner zijn dan haartjes.

figuur EPA, vertaling rivm

Met ‘fijn stof’ bedoelen we stofdeeltjes van 10 µm, het zogenaamde PM10. Die zijn 9 keer kleiner dan een zandkorreltje. Maar bij het meten kijken we naar de nog kleinere deeltjes waaruit dat fijn stof bestaat, PM2,5 en roet. Dat laatste wordt vooral door het verkeer uitgestoten en is bijzonder schadelijk. Voor elke 0,5 microgram roet per kubieke meter lucht extra waaraan je langdurig bloot staat, zo zeggen de wetenschappers, leef je gemiddeld drie maanden korter.

Tijdrovende aanpak op vele fronten

Maar, zoals de WGO dus beaamt: we doen er wat aan. Ook in Antwerpen werden al meerdere maatregelen ingezet en aangekondigd om de bronnen van de vervuiling aan te pakken. Denk maar aan de lage-emissiezone, diverse sensibiliseringscampagnes voor verwarming en mobiliteit en nieuwe maatregelen van de haven.

De luchtverontreiniging is echter niet tot één boosdoener te herleiden en met één of zelfs tien maatregelen zal het probleem nog niet meteen verdwijnen. We moeten op een heel andere manier gaan nadenken over energie, verwarming, mobiliteit, productie bij allerlei verschillende spelers, van kleine gebruikers tot grote organisaties. En dat kost tijd. Hoe moeilijk is het al niet om de verwarmingsketel in een appartementsgebouw te laten vervangen? Of om zelf de beslissing te nemen je dieselwagen te verkopen?

Om onze luchtkwaliteit te verbeteren moeten heel veel mensen, beslissers en uitvoerders, knopen doorhakken die vaak verregaande kosten en gevolgen hebben. Die maatregelen voer je niet van vandaag op morgen uit, ook al is er alom goede wil. Er wordt aan gewerkt, jawel, maar de grote ommekeer bij de bron komt er wellicht niet meteen.

Sneller ingrijpen in scholen

‘Kan het niet sneller?’, vragen velen zich af. De luchtkwaliteit in Antwerpen, maar ook in andere Vlaamse steden voldoet echt niet meer aan onze hedendaagse normen.

Organisaties vragen om actie, burgers steken hun curieuze neuzen aan het venster om de luchtkwaliteit op de voet te volgen en ouders eisen met klem beterschap. Jonge kinderen zijn dan ook extra kwetsbaar voor fijn stof. Hun longen zijn zich immers nog volop aan het ontwikkelen en in verhouding met hun lichaamsgewicht ademen ze ook nog eens grote volumes lucht in. Vaak jaren later slepen ze nog gevolgen als astma, allergie en ademhalingsproblemen met zich mee.

Daar dient een extra set nieuwe initiatieven voor. Ze vervangen de langetermijnaanpak niet, maar mikken wel op kortetermijnresultaten. Ze richten zich dan ook vooral op de gevoelige groep zoals kinderen. En dan denken we niet alleen aan de luchtkwaliteit rond de scholen maar ook binnen de scholen. Ook binnen moet de luchtkwaliteit immers op punt zijn, zeker ook gezien kinderen steeds vaker binnen spelen. En wie weet, misschien kunnen we de lucht binnen net sneller aanpakken omdat die ruimtes toch iets meer te controleren vallen.

Meter van Breathe Life 2030

Lab in actie

In het Project Zuivere Lucht slaan de steden Den Haag en Antwerpen de handen in elkaar om net dat vraagstuk aan te pakken. Hoe geven we de kinderen in scholen en kinderdagverblijven alvast al zuiverdere lucht?

Ook Stadslab2050 zet haar experimentenschouders onder het project op zoek naar de meest efficiënte antwoorden. Hoe krijgen we de binnenlucht in scholen zuiverder? Moeten we de buitenlucht aanpakken in functie van die binnenlucht en denken aan autoluwe straten? Of gaan we de binnenlucht zelf te lijf met de luchtzuiveringstechnologie van de Universiteit Antwerpen en VFA Solutions? Met luchtfilters? Planten? Betere ventilatie? Langs welke kant van het gebouw zetten we best de ramen open?

Dat moeten de experimenten net uitwijzen. Vijf scholen willen met hun omwoners, medewerkers, ouders en specialisten ter zake aan de slag gaan. De resultaten volgt iedereen met argusogen, want wat werkt kunnen we breed uitdragen om al onze kinderen een gezondere lucht en dus gezondere jeugd te bezorgen. De lat ligt hoog.

Kom op adem op 29 mei

Op 29 mei gaat Project Zuivere Lucht officieel van start. Tijdens een flink gevulde middag geven de vijf partners van het Europese project uitleg over het belang van zuivere lucht, over de innovatieve technologieën die zullen worden ingezet en over het belang van burgerwetenschap hierbij. Je kunt er terecht voor informatie maar ook voor educatief materiaal en interactieve sessies.

Ja, we slaan de handen in elkaar en gaan samen zoeken op zoek naar zuiverdere fijne lucht, zonder fijn stof.

Ben je er ook graag bij op 29 mei? Ontdek hier het volledige programma en schrijf je meteen in!

 

Het project Zuivere Lucht komt tot stand dankzij de steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling Interreg Vlaanderen Nederland. De 5 partners in het project zijn de Vlaamse Milieu Maatschappij, GGD Haaglanden, Universiteit Antwerpen, VFA Solutions en stad Antwerpen

Abonneer mij: 

Abonneer je op onze nieuwsbrief en volg Stadslab2050 op de voet